MEEST GESTELDE VRAGEN

 

1. Hoeveel tanden heeft een paard?
 

Ondergebit 6 snijtanden + 12 kiezen
Bovengebit 6 snijtanden + 12 kiezen
Totaal: 12 snijtanden + 24 kiezen = 36
Hengsten (en sommige merries) hebben ook nog haaktanden, twee onder en twee boven. Veel paarden hebben ook één of twee wolfstanden. Een paard heeft dus 36 tot 42 tanden.
 

2. Waarom hebben paarden een tandarts nodig?
 

Het paardengebit is erop gebouwd om ca. 18 uur per dag harde grassen af te bijten en te kauwen. Dit komt bij onze, op stal gehouden, paarden niet meer voor. Zelfs als de paarden weidegang hebben lijkt het gras hier niet op het steppegras waarvoor hun gebit eigenlijk gebouwd is. Het slijten van gebit vindt niet meer op normale wijze plaats. Hierdoor ontstaan scherpe punten op de kiezen, aan de buitenkant (wangkant) van het bovengebit en aan de binnenkant (tongkant) van het ondergebit. Bovendien worden paarden op alle mogelijke uiterlijke kenmerken gefokt, maar niet op een goed gebit. Een wild paard met een slecht gebit zou het niet overleven.
 

3. Is een bezoek van de paardentandarts pijnlijk voor mijn paard?
 

Paarden hebben geen zenuwen in de tanden zoals bij mensen, dus kunnen ze geen tandpijn ervaren. Wel kunnen ze pijn voelen door eventuele wondjes in de mond, veroorzaakt door de scherpe haken op de kiezen.
 

4. Op welke leeftijd moet een paard voor het eerst naar de tandarts?
 

Liefst voordat er voor het eerst een bit in zijn mond geplaatst wordt. In ieder geval op een leeftijd van 2,5 jaar, want dan begint het paard met wisselen.
 

5. Wat zijn wolfstanden?
 

Wolfstanden zijn rudimentaire kiezen. Veel paarden hebben ze. Deze verschijnen al tussen de 6 en 18 maanden. Ze liggen vóór de eerste kiezen in het bovengebit (zelden in het ondergebit). Sommige paarden hebben er maar één in plaats van twee en soms ontbreken ze helemaal.
 

6. Moeten wolfstanden getrokken worden?
 

Wolfstanden hebben geen kauwfunctie, dus hebben ze geen nut, maar ze kunnen wel veel problemen veroorzaken bij het rijden, omdat ze net gelegen zijn boven een zenuwkanaal. Tijdens het rijden drukt het bit deze tandjes namelijk tegen dit zenuwkanaal. Het is daarom beter ze te verwijderen, en wel voordat er voor het eerst een bit in de paardenmond geplaatst wordt.
 

7. Wat zijn verborgen wolfstanden?
 

Dit zijn wolfstanden die zich onder het tandvlees bevinden, soms ergens in het diasteem (= tandloze gedeelte), en deze veroorzaken bijna altijd problemen met het bit, dus moeten ze daarom verwijderd worden.
 

8. Wat zijn hengstentanden?
 

Hengstentanden of haaktanden liggen in het diasteem (= tandloze gedeelte) in de boven- en onderkaak. Ze hebben geen kauwfunctie. Ze zijn eigenlijk "gevechtsmateriaal" van het paard. Ze komen door op ca. 4,5 jaar, en kunnen zowel bij hengsten als bij merries voorkomen.
 

9. Wanneer begint een paard met wisselen?
 

Op ca. 2,5 jarige leeftijd wisselt het paard zijn binnensnijtanden (4 stuks) en zijn eerste kiezen onder en boven (ook 4 stuks). Daarna in tussenpozen van 1 jaar de midden- en buitensnijtanden. De kiezen (premolaren) wisselen in afstanden van ca. 6 maanden. De ware kiezen of molaren (laatste 3 kiezen van de kiezenrij) zijn in het veulengebit niet aanwezig. Zij komen door op 1, 2 en 3 jaar.
 

10. Wanneer stoppen paardentanden met groeien?
 

Paardentanden blijven altijd maar doorgroeien (ong. 3 à 4 mm per jaar), zo ontstaan dus ook haken,enz. Daarom moet een paardengebit dus zijn hele leven gecontroleerd worden.
 

11. Moeten hengstentanden getrokken worden?
 

Niet als ze gezond zijn. Het paard heeft er geen last van. Bij oudere paarden kunnen ze erg lang zijn en ook scherp. Ze kunnen dan kort geknipt en rond gevijld worden.
 

12. Mijn paard ziet er goed uit, dan heeft hij zeker geen gebitsproblemen?
 

Dit klopt niet altijd. Zelfs paarden met overgewicht kunnen scherpe punten op hun tanden hebben, en misschien zelfs wondjes in hun mond door scherpe haken.
 

13. Hoe vaak moet het paardengebit gecontroleerd worden?
 

Minstens 1 keer per jaar. Om de 6 maanden bij paarden tussen de 2,5 en 5 jaar omdat ze dan aan het wisselen zijn. Paarden met afwijkende gebitten en oudere paarden moeten ook vaker gecontroleerd worden.
 

14. Mijn paard is een overbijter, wat voor gevolgen heeft dit?
 

Een overbijter heeft een afwijkend gebit. De bovenkaak steekt uit over de onderkaak waardoor de snijtanden niet of nauwelijks op elkaar treffen en ook de kiezenrijen niet goed op elkaar passen. Overbijters hebben vaak grote haken op de eerste kiezen in het bovengebit en de achterste kiezen in het ondergebit. Deze paarden moeten vaak gecorrigeerd worden.
 

15. Wat is een onderbijter?
 

De onderkaak is langer als de bovenkaak. De ondersnijtanden steken uit en haken ontwikkelen zich op de eerste kiezen in het ondergebit en de achterste kiezen in het bovengebit. Ook hier moet minstens elk half jaar gecorrigeerd worden.